Even geduld a.u.b. het magazine wordt geladen...

Toby (5) staat op school bekend als een vrolijk en heel rustig jongetje. Toch valt iets op: te vaak zit er weer een nieuwe blauwe plek op zijn armen of benen. Het zijn geen grote wonden. Geen incidenten waar meteen alarm op volgt. Maar de plekken blijven terugkomen.

“Het is niets, hij is van de trap gevallen”

Jaarlijks zijn er naar schatting 100.000 kinderen slachtoffer van huiselijk geweld. Kindermishandeling gaat over structurele onveiligheid waarbij de situatie bedreigend of gewelddadig is voor kinderen. Minstens 3 procent van alle kinderen heeft ermee te maken. Hoe langer kindermishandeling duurt, hoe moeilijker het is voor kinderen om zich evenwichtig te ontwikkelen.

Wanneer Toby voorzichtig iets zegt over ruzies thuis en daarna dichtklapt, ontstaat er bij school een ongemakkelijk gevoel. Het is geen duidelijke onthulling, maar ook geen onschuldige opmerking.

Juist het stoppen met vertellen, het vermijden van oogcontact en het terugkerende letsel maken dat school de signalen niet kan wegzetten als toeval.

De uitleg van zijn ouders wordt meegewogen, maar past niet bij het beeld dat school van Toby kent. Hij is geen onhandig kind. De signalen vallen samen en roepen professionele twijfel op. Vanuit die twijfel besluit school Veilig Thuis te betrekken.

Veilig Thuis gaat op huisbezoek. De zorgen worden besproken met beide ouders en de leefomgeving wordt in beeld gebracht. Het huis oogt rommelig en onrustig. Toby is niet aanwezig; ouders vinden het niet nodig hem te betrekken.

Er is geen directe bevestiging van geweld, maar ook geen geruststellend beeld. Ouders ontkennen geweld en tonen zich beperkt coöperatief. De zorgen verdwijnen niet.

Dit is geen moment om af te sluiten, maar om te verdiepen.

In het multidisciplinair overleg brengen een medewerker van Veilig Thuis en de vertrouwensarts alle signalen samen: het letsel, de vage onthulling, de thuissituatie en het ontbreken van zicht op Toby’s eigen beleving.

Omdat deze casus mogelijk raakt aan strafbare kindermishandeling, wordt de afweging niet alleen binnen Veilig Thuis gemaakt. In lijn met Samenwerking bij Strafbare Kindermishandeling vanuit Veiligheid Voorop wordt ook de politie betrokken bij de gezamenlijke duiding.

De centrale vraag: hoe krijgen we zicht op veiligheid, zonder Toby te belasten of het vervolg te blokkeren?

Daarom wordt besloten tot een feitengericht kindgesprek volgens de NICHD-methode.

Het NICHD interview

Het NICHD-interview is een methodiek waarin kinderen op een niet-sturende, zorgvuldige manier worden gesproken. Binnen Veiligheid Voorop vormt deze aanpak de brug tussen zorg en straf: betrouwbare informatie voor bescherming, die – als dat nodig is – ook juridisch bruikbaar blijft.

Na gezamenlijke afstemming wordt duidelijk dat Toby op dit moment niet voldoende veilig is. Vrijwillige hulp biedt onvoldoende waarborgen.

Er worden daarom concrete beschermende maatregelen ingezet. Toby krijgt begeleiding, zijn ouders ontvangen ondersteuning en de veiligheid in het gezin wordt actief gemonitord. De betrokken partijen blijven nauw betrokken om te voorkomen dat signalen opnieuw gemist worden.

Het doel is helder: rust, voorspelbaarheid en veiligheid voor Toby.

Dit besluit is niet overhaast genomen. Medische informatie, de bevindingen uit het huisbezoek en de opbrengst van het kindgesprek worden gezamenlijk gewogen door Veilig Thuis, de Raad voor de Kinderbescherming en de politie.

Omdat deze casus raakt aan mogelijke strafbare kindermishandeling, wordt gewerkt volgens de kernactiviteit Samenwerking bij Strafbare Kindermishandeling binnen Veiligheid Voorop. Door methodisch te werken en informatie te delen, konden zorg en straf elkaar versterken.

Toby wordt 6. Thuis en bij zijn ouders.

Het verhaal was totaal anders afgelopen zonder de methodiek Veiligheid Voorop. De getuigenis was dan onbruikbaar geweest voor het OM. De raad van de Kinderbescherming had geen onderzoek kunnen doen. En Toby had misschien zijn zesde verjaardag niet thuis gevierd. Door de korte doorlooptijd werden de juiste interventies  direct op elkaar afgestemd. Binnen 15 minuten is er geschakeld met de netwerkpartners waardoor meerdere acties van verschillende partners vinden tegelijkertijd konden plaatsvinden in plaats van achter elkaar.

Hoewel de ouders zich coöperatief opstelden, bleek er sprake te zijn van zware mishandeling en psychiatrische problematiek bij de vader. Door het consultatiebureau was er al vaker verwezen naar de huisarts. Door de snelle infodeling tussen de vertrouwensarts en de huisarts kan er eerder en beter medisch relevante informatie worden gedeeld. De vertrouwensarts heeft een cruciale rol bij casuïstiek waarin sprake is van geconstateerd letsel en vervult een centrale functie binnen  Toby volgt nu intensieve behandeling en staat onder toezicht van de reclassering. De moeder krijgt ambulante ondersteuning en opvoedcoaching. Samen werken ze met het lokale wijkteam aan een stabiele thuissituatie, waarbij Veilig Thuis wekelijks meekijkt en de veiligheid bewaakt.

Toby zelf krijgt begeleiding op school en thuis. Hij leert langzaam dat volwassen stemmen niet altijd boos hoeven te klinken.

“Dit is een aanpak die leidt tot maatschappelijk resultaat. Bij de start van Veilig Thuis, tien jaar geleden, werd al snel duidelijk dat de brede aanpak – van 0 tot 100 jaar, gericht op zowel kinderen als volwassenen en op uiteenlopende vormen van geweld – geen eenvoudige opgave was. Deze complexe taak kunnen we niet alleen uitvoeren: de samenwerking met de politie en het Openbaar Ministerie is daarbij onmisbaar.

Veilig Thuis

4/13
1. Home
2. Verhalen
3. Op zoek naar een veilige plek
4. Toby wordt 6! Dankzij Veiligheid Voorop
5. Marisol belandt niet in het ziekenhuis door stalking
6. Baby Aiden wordt op tijd gezien
7. Samenwerken aan veiligheid
8. Samen op in acuut
9. Actieoverleg
10. HG op ZSM
11. Samenwerken bij strafbare KM
12. Nieuws en ontwikkelingen
13. Over ons

Samen op in Acuut

In een acuut onveilige situatie is er altijd afstemming tussen de politie en Veilig Thuis en als het nodig is met andere partners. Als het kan, gaan zij samen ter plaatse. Door ter plaatse informatie samen te brengen, kan de veiligheidsbeoordeling beter en sneller worden gemaakt.

“Betrokkenen staan in een crisissituatie meer open voor hulp. Dat helpt ons om veiligheidsmaatregelen effectiever in te zetten.”